Jeuk tijdens de zwangerschap

Het komt veel voor tijdens de zwangerschap: jeuk (zonder huiduitslag). Vervelend! Een van de meest voorkomende zwangerschapskwaaltjes, namelijk 1 op de 5 vrouwen krijgt last van een vorm van jeuk. Het kan op elk moment tijdens de zwangerschap komen opzetten, maar meestal begint het tijdens het laatste trimester. Waar moet je op letten als je jeuk hebt en wat kun je er tegen doen?

Ontstaan van jeuk
Hoewel zwangerschapsjeuk veel voorkomt, is het nog niet geheel duidelijk waar dit door veroorzaakt wordt. Een van de mogelijke oorzaken schuilt zich in de lever. Doordat je hormoonspiegel compleet verandert tijdens je zwangerschap, wordt je lever flink belast. Hierdoor laat de lever meer galzure zouten door in je bloed, waardoor er jeuk kan ontstaan. Deze jeuk kan voorkomen op handpalmen en voetzolen, op je buik, maar ook op je hele lichaam. (Albert Schweitzer Ziekenhuis, 2017)

Zwangerschapscholestase
Veel vormen van jeuk zijn onschuldig, maar niet allemaal. Bijvoorbeeld wanneer je last hebt van zwangerschapscholestase.

Zwangerschapscholestase komt voor bij 0,1 tot 2% van alle zwangeren in Europa. (NVOG, 2011)
Bij deze aandoening hoopt gal op in je lever. Normaal gezien gaat gal via gangen vanuit de lever naar de galblaas. Tijdens de zwangerschap kan het voorkomen dat veel trager gebeurt, waardoor er een galophoping ontstaat in de lever. In gal zitten zuren. Deze zuren zijn er om te helpen met het verteren van vet eten. Wanneer gal blijft staan in de lever, kunnen deze zuren in het bloed terecht komen. De galzure zouten in je bloed zijn verhoogd. Deze galzuren zouten komen ook via de placenta bij je kindje terecht. (Radboud UMC, s.a.) Wanneer deze galzuren zouten erg hoog zijn en er niets aan gedaan wordt, is er kans op risico’s voor het kindje, zoals: vroeggeboorte, meconiumhoudend vruchtwater en mogelijks zelfs overlijden. (NVOG, 2011; Radboud UMC, s.a.) Wanneer er sprake is van een bewezen zwangerschapscholestase is het advies om te starten met medicatie en soms een inleiding. Hierdoor nemen de risico’s af. (NVOG, 2011; Albert Schweitzer Ziekenhuis, 2017)

Jeuk is het meest voorkomende symptoom van zwangerschapscholestase. Vaak begint dit ’s nachts en voornamelijk op de handpalmen en voetzolen. Het kan echter ook op heel het lichaam voorkomen. Tevens kan het voorkomen dat je ook overdag last hebt van deze jeuk, maar dan wordt de jeuk vaak ’s nachts nóg erger. Deze jeuk treedt op zonder huidafwijkingen (behalve de mogelijke krabwondjes). Andere (mogelijke) symptomen: geel zien, donkere urine, ontkleurde en/of vette ontlasting, een naar gevoel rechtsboven in je buik. (NVOG, 2011; Radboud UMC, s.a)

Heb je veel last van jeuk? Trek altijd even aan de bel bij je zorgverlener. Zij kunnen met je meekijken of het nodig is om bloedonderzoek te doen om je galzure zouten te bepalen. (NVOG, 2011)

Onschuldig
Aangezien zwangerschapscholestase niet veel voor komt, maar de jeuk wel, is in de meeste gevallen de jeuk dus, gelukkig, volkomen onschuldig. Wel wordt de jeuk hoogstwaarschijnlijk nog steeds veroorzaakt door je lever. Hier gaat het dus om jeuk zonder huiduitslag (uitgezonderd krabwondjes). Als je wel last hebt van huiduitslag, komt daar waarschijnlijk de oorzaak vandaan. Laat de huiduitslag altijd even zien aan je zorgverlener, zodat zij met je kunnen uitzoeken waar het vandaan komt. (Albert Schweitzer ziekenhuis, 2017)

Om je lever wat te ontzien zijn er tips die je kunt toepassen (Albert Schweitzer Ziekenhuis, 2017):
1. Drink voldoende, minimaal 2 liter water per dag.
Zo kan je lichaam afvalstoffen beter afvoeren.
2. Probeer zout en suiker gebruik te beperken.
3. Probeer vet te beperken tot max. 20 gram per dag.
4. Vermijd koffie, thee (behalve kruidenthee), cacao en tabak.

Advies
Wanneer bovenstaande tips onvoldoende helpen om de jeuk te verminderen, hebben we nog andere tips achter de hand. Dit zijn tips om het symptoom aan te pakken in plaats van de oorzaak.
Na de bevalling is de jeuk snel weer verdwenen. (De verloskundige, s.a.;
1. Draag ademende kleding.
2. Niet krabben! (Houd je nagels kort)
3. Gebruik ijskompresen om de plek van de jeuk
4. Wisselbaden: warm – koud afwisselen. Eindig hierbij altijd met koud water.
5. Mentholgel/zalf/poeder
6. Calendulazalf
7. Een bad met havermout
8. Niet wisselen van wasmiddel en gebruik Ph neutraal wasmiddel
9. Let goed op gezonde voeding.
10. Een halve aardappel gebruiken om je huid in te smeren.

Wanneer je huiduitslag hebt: neem contact op met je zorgverlener.
Hevige jeuk ’s nachts/gedurende de hele dag, op handen/voetzolen of heel je lichaam: neem contact op met je zorgverlener.

Conclusie
Jeuk tijdens de zwangerschap komt heel vaak voor. In de meeste gevallen is dit volkomen normaal en verdwijnt dit na de bevalling weer snel. Je kunt dan proberen om je lever wat te ondersteunen en je kunt proberen de jeuk met tips te verminderen. Helaas is jeuk niet altijd onschuldig. Mocht je merken dat dit heel hevig aanwezig is, bel dan altijd je zorgverlener.

pregnant-2021797_960_720.jpg
Bron: Contato1034 @Pixabay

Bronnen
Albert Schweitzer Ziekenhuis (2017)
Gevonden op het internet op 9 november 2017 via https://www.asz.nl/patienten/patientenvoorlichting/folders/Jeuk/jeuk-tijdens-de-zwangerschap.pdf
De verloskundige (s.a.)
Gevonden op het internet op 9 november 2017 via
http://deverloskundige.nl/zwangerschap/subtekstpagina/204/jeuk/

Livive (s.a.)
Gevonden op het internet op 9 november 2017 via
https://www.livive.nl/docs/default-source/foldersflyers-livive/jeuk-tijdens-de-zwangerschap.pdf?sfvrsn=2

NVOG (2011)
Gevonden op het internet op 9 november 2017 via http://nvog-documenten.nl/index.php?pagina=/richtlijn/item/pagina.php&id=27618&richtlijn_id=878

Radboud UMC (s.a.)
Gevonden op het internet op 9 november 2017 via https://www.radboudumc.nl/patientenzorg/aandoeningen/zwangerschapscholestase/wat-is-zwangerschapscholestase

Advertenties

Stress tijdens de zwangerschap

Dat je beter niet kunt roken of drinken tijdens je zwangerschap, weet eigenlijk iedereen wel. Minder bekend is de invloed van stress op jezelf en op je ongeboren kindje. Toch is stress ook een van de dingen waaraan je je ongeboren kindje toch het liefst zo min mogelijk bloot stelt. Wat is stress eigenlijk precies? Hoe ontstaat het? En nog belangrijker: hoe ga je er mee om?

Wat is stress? (Fonds psychische gezondheid, 2017)
Er zijn 2 verschillende vormen van stress: gezonde stress en ongezonde stress.

Gezonde stress
Gezonde stress houdt in dat je gespannen bent voor wat komen gaat of wat er speelt. Hierdoor start je lichaam de vechten/vluchtenreactie. Je bloeddruk gaat omhoog samen met je hartslag. De belangrijke onderdelen van je lichaam die je nodig hebt bij deze vechten/vluchtenreactie worden voorzien van extra zuurstof: je hersenen, spieren en je hart. Er komt een hormoon vrij: adrenaline, dit zorgt voor allerlei acties in je lichaam, waaronder bijvoorbeeld extra brandstof voor je spieren.
Lichaamsdelen die je niet of minder nodig hebt, krijgen minder bloedtoevoer: je gezicht, je handen.. Deze gaan koud aanvoelen en worden bleek. Je ademhaling wordt sneller en je spijsvertering laat zich even voor wat het is. Je bent klaar voor wat komen gaat. Je bent er extra met je aandacht bij en kunt je beter concentreren. Wanneer de spannende gebeurtenis weer voorbij is, komt je lichaam terug tot rust (hartslag, bloeddruk, ademhaling omlaag) en verdwijnt de stress.

Ongezonde stress
Wanneer je heel vaak stress hebt of wanneer de stress erg lang aanhoudt, krijg je lichaam geen tijd om tot rust te komen en zich weer terug te herstellen. Dit noemen we ongezonde stress.

Oorzaken van stress tijdens je zwangerschap

Tijdens je zwangerschap kunnen er veel verschillende oorzaken zijn van stress. Een paar voorbeelden van veel voorkomende oorzaken vind je hieronder.

Angst rondom de bevalling
Iedereen heeft wel wat gezonde spanning voor de bevalling, maar deze gezonde spanning kan al snel overslaan in ongezonde stress en angst. Angsten over hoeveel pijn het gaat doen, hoe de bevalling gaat verlopen, wanneer het gaat beginnen of hoe lang de bevalling gaat duren. Je kunt je voorbereiden op de bevalling (je inlezen, cursussen volgen etc.), maar hoe het precies gaat verlopen, kan niemand je vertellen. Dit kan voor veel (ongezonde) stress zorgen.

Angst rondom het ouderschap
Van partners ga je straks ineens over naar ouders. Ook dit kan (ongezonde) stress opleveren. Ga ik dit kunnen? Ga ik mijn kindje goed op kunnen voeden? Kan ik straks alles combineren?

Gezondheid van het kindje
Tijdens je zwangerschap kun je allerlei testen ondergaan om te zien of je kindje (zo ver zichtbaar) gezond is, maar juist deze testen zorgen soms voor enorme onzekerheid en stress. Er wordt bijvoorbeeld een variatie op het normale gezien op een echo, waarna er vervolgonderzoek wordt geadviseerd. Dit kan niet gelijk, dus moet je enkele dagen wachten. Een periode van langdurige stress. Ook als je geen van deze testen doet kan de gezondheid van je kindje spanning met zich meebrengen.

Combineren zwangerschap en werken
Wanneer je zwangerschap verder vordert, kan het lichamelijk een enorme belasting worden. Als je dan ook nog moet werken, kan dit enorme druk opleveren. Je lichaam geeft misschien wel aan dat je een stapje terug moet, maar hoe ga je dit verantwoorden aan je baas? Gaat hij hier mee akkoord? Of heeft hij straks misschien wel iemand anders gevonden die het wel allemaal tegelijk aankan? Het combineren van een (pittige) zwangerschap en werk kan veel psychische druk opleveren.

Negatieve gebeurtenissen
En natuurlijk kunnen er tijdens je zwangerschap ook gebeurtenissen optreden die compleet los staan van de zwangerschap. Er kan bijvoorbeeld iemand ziek worden of misschien zelf overlijden. Stress die wel optreedt tijdens je zwangerschap, maar die niets met je zwangerschap te maken heeft.

Wat doet stress met je lichaam
? (Fonds psychische gezondheid, 2017)
Gezonde stress is heel normaal. Dit hoort er bij en iedereen loopt dat wel eens tegenaan. Echter als de stress te lang duurt en je lichaam hier dus niet van kan herstellen, ga je dit merken.

Lichamelijk:
– Continue moe zijn, maar tegelijkertijd slecht slapen
– Pijn: buikpijn, rugpijn, spierpijn, hoofdpijn
– Last van je darmen
– Een lage weerstand en hierdoor erg vatbaar voor ziekteverwekkers
– Hartkloppingen en een hoge bloeddruk
– Trillen, zweten

Geestelijk:
– Prikkelbaar zijn, een kort lontje hebben
– Veel piekeren, onzekerheid
– Huilbuien
– Opgejaagd gevoel, geen rust
– Veel angst
– Moeilijk kunnen beslissen
– Vergeetachtig zijn
– Gevoelens van schuld

Gedragingen:
– Ander eetpatroon: meer of juist minder eten
– Meer roken
– Minder sociaal contact

Effecten van stress op je ongeboren kindje
Stress tijdens je zwangerschap kan veel problemen veroorzaken, die je liever wilt voorkomen.

– Stress is een risicofactor voor vroeggeboorte. (Lilliecreutz, Larén, Sydsjö & Josefsson, 2016)
Uit recent onderzoek is gebleken dat de kans op vroeggeboorte stijgt als je stress ondergaat tijdens je zwangerschap.
– Stress kan zorgen voor een laag geboortegewicht of groeivertraging. (Rondó et al, 2002)
Stress zorgt er voor dat er bepaalde stoffen vrijkomen (catecholamines; bijv. adrenaline). Deze zorgen er voor dat er minder bloed naar de placenta toe gaat, waardoor er minder zuurstof en minder voedingsstoffen bij het kindje terecht komen. Dit kan resulteren in een laag geboortegewicht of groeivertraging. Dit zorgt ervoor dat je kindje zwakker ter wereld komt, met alle risico’s daarvan.
– Stress zorgt mogelijk voor een lager IQ. (Laplante et al, 2004)
Hoge stresslevels, vooral in het cruciale begin van de zwangerschap, zou mogelijk effect kunnen hebben op de hersenontwikkeling van je kindje. Dit zou kunnen zorgen voor een lager IQ, maar ook bijvoorbeeld voor minder taalvaardigheid.
– Stress kan er tevens voor zorgen dat je kindje veel huilt na de bevalling, een zogenaamde ‘huilbaby’. (AMC, 2006).
Uit de Amsterdam Born Children and their Development studie blijkt dat vrouwen die stress ervaren tijdens de zwangerschap, meer kans hebben op het krijgen van een huilbaby, een kindje dat overmatig huilt. Hoe meer stress, hoe meer kans.
– Stress geeft tevens een hoger risico op andere problemen.
Stress zou er voor kunnen zorgen dat het kindje zich langzamer ontwikkelt en problemen heeft met leren en concentreren. Tevens zou het kunnen zorgen voor angstproblemen, depressieve gevoelens en mogelijk ook autisme. (Science daily, 2008)

Tips om stress te voorkomen/beperken
Het klinkt makkelijk: probeer stress te voorkomen, maar zo makkelijk is het natuurlijk niet. Mogelijk kunnen deze tips je helpen.

1. Zwangerschap is geen ziekte, maar je kunt ook niet altijd alles meer wat je voorheen zonder problemen kon doen. Het is dus niet gek als je hulp nodig hebt, het is vaak wel een drempel die je over moet. Draag, indien mogelijk, taken over. Zowel in je werk als in je huishouden.

2. Ook op je werk lukt niet altijd alles meer. Zwaar psychisch of lichamelijk werk kan zorgen dat je harde buiken krijgt of veel stress ervaart. Ga in overleg met je werkgever. Je werkgever is er ook bij gebaat dat het werk goed afgerond wordt, dus is het prettig als jullie samen kunnen kijken wat er het beste bij je situatie past. Misschien kun je meer vanuit huis werken (minder reistijd) of kun je wat minder belangrijke taken overdragen.

3. Hoe moeilijk dat ook is: Durf nee te zeggen! Je bent niet meer enkel verantwoordelijk voor jezelf, maar ook voor je ongeboren kindje. Jullie zijn er beide niet bij gebaat als je je grenzen over gaat.

4. Zoek afleiding in leuke dingen. Hoewel je sommige taken misschien niet meer kunt, wil dit niet zeggen dat je jezelf alles moet ontzetten. Ga er op uit met vriendinnen, verzet je gedachten door leuke dingen te doen.

5. Wanneer je merkt dat je veel piekert, kan het helpen om ontspanningsoefeningen te doen of bijvoorbeeld mee te doen aan zwangerschapsyoga. Ook bewegingen kan helpen je stress te verminderen.

6. Neem voldoende rust. Jammer dan dat het huishouden vandaag niet helemaal aan kant is, maar het is wel zo prettig als je lekker in je vel blijft zitten. Zorg dus dat je voldoende tot rust komt. Vermoeidheid is een duidelijk teken van je lichaam om even tijd voor je zelf te maken. Creëer tijd voor een power nap of middagdutje en ga op tijd naar bed. Het kan ook helpen om ’s ochtends wat langer te blijven liggen, want de ervaring leert dat veel vrouwen dan juist beter kunnen slapen.

7. Merk je dat je er zelf niet meer uit komt: zoek professionele hulp. Je staat er niet alleen voor!

Conclusie
Een beetje stress hoort bij het leven en het lukt weinig mensen om dit helemaal te voorkomen, maar als de stress te lang blijft aanhouden of te veel ophoopt, spreken we van ongezonde stress. Deze ongezonde stress kan bij jezelf voor lichamelijke en psychische problemen zorgen, maar neemt ook risico’s voor het kindje met zich mee. Belangrijk is dus om stil te staan bij het gegeven dat je stress ervaart en te proberen dit stresslevel naar beneden te brengen.

pregnant-woman-2691410_960_720.jpg

Bronnen
AMC (2006)
Gevonden op het internet op 15 september 2016 via https://www.amc.nl/web/Het-AMC/Nieuws/Nieuwsoverzicht/Nieuws/Moeders-met-stress-krijgen-meer-huilbabys.htm

Laplante, D.P., Barr, R.G., Brunet, A., Galbaud Du Fort, G., Meaney, M.L., Saucier, J., Zelazo, P.R., & King, S. (2004). Stress During Pregnancy Affects General Intellectual and Language Functioning in Human Toddlers. Pediatric Research, 56, 400-10. Gevonden op het internet op 15 september 2016 via http://www.nature.com/pr/journal/v56/n3/full/pr2004225a.html

Lilliecreutz, C., Larén, J., Sydsjö, G., & Josefsson, A. (2016). Effect of maternal stress during pregnancy
on the risk for preterm birth. Biomed central. Gevonden op het internet op 12 september 2016 via http://bmcpregnancychildbirth.biomedcentral.com/articles/10.1186/s12884-015-0775-x

Rondó, P.H.C., Ferreira, R.F., Nogueira, F., Ribeiro, M.C.N., Lobert, H., & Artes, R. (2002). Maternal psychological stress and distress as predictors of low birth weight, prematurity and intrauterine growth retardation. European Journal of Clinical Nutrition, 57, 266–27. Gevonden op het internet op 15 september 2016 via http://www.nature.com/ejcn/journal/v57/n2/full/1601526a.html

Psychische gezondheid (2017)
Gevonden op het internet op 20 oktober 2017 via https://www.psychischegezondheid.nl/wat-is-stress

Science daily (2008)
Gevonden op het internet op 15 september 2016 via https://www.sciencedaily.com/releases/2008/10/081027140724.htm

Inbakeren

/

Vroeger werd het heel veel gebruikt: inbakeren. Tegenwoordig zien we het ook nog regelmatig voorbij komen, vooral bij baby’s die veel huilen of onrustig zijn. Maar wat is inbakeren eigenlijk? Hoe werkt het? Wanneer gebruik je het? Zijn er nadelen? Je leest het hieronder.

Van oorsprong
Tot eind 18e eeuw werd inbakeren veel toegepast. Het kindje werd volledig ingepakt in linnen doeken en zwachtels. Dit werd gedaan door een vroedvrouw of door een baker, een wijze vrouw die we nu zouden omschrijven als een kraamverzorgende. Vroeger werden de kindjes ingebakerd met het idee dat het kindje hierdoor kon genezen van kneuzingen opgelopen tijdens de geboorte en om ervoor te zorgen dat het kindje later een rechte rug, rechte benen en stevige schouders zou krijgen. Tevens zou het helpen om een navelbreuk te voorkomen, althans dat is wat er toen gedacht werd. Kindjes werden tot 3 maanden volledig ingebakerd, daarna werden de armen vrijgelaten. Na een half jaar werd het kindje niet meer ingebakerd.
Na de 18e eeuw werd er ontdekt dat inbakeren een kindje in de groei kan belemmeren en werd het niet meer gebruikt. Ongeveer 20 jaar geleden werd het inbakeren herontdekt voor kindjes die onrustig zijn en slecht slapen. (Inbakeren, s.a.)

Wat is inbakeren?
Inbakeren houdt in dat je je kindje wikkelt in een doek, strak ter hoogte van de armen en los ter hoogte van de benen. Hierbij kan het kindje zijn armen niet bewegen. Hierdoor wordt het kindje beperkt in zijn bewegingen, waardoor het zich makkelijker zou kunnen overgeven aan de slaap. (MC Zuiderzee, s.a.; Inbakeren, s.a.; Veiligheid, s.a.)

Wetenschappelijk onderzoek
In tussentijd is er al regelmatig onderzoek gedaan naar inbakeren.

Onrustige baby’s
Mogelijk zou inbakeren wat kunnen betekenen wanneer een kindje overmatig huilt. Vaak is bij kinderen die heel onrustig zijn rust en regelmaat en dus prikkelvermindering al voldoende, maar kinderen die echt overmatig huilen kunnen baat hebben bij inbakeren, bijvoorbeeld wanneer ouders het moeilijk vinden om rust en regelmaat toe te passen. Echter kleven er wel risico’s aan inbakeren, dus zijn andere manieren die eerder te overwegen zijn, zoals nabijheid van ouders.
(Jansen & Maaskant, 2009; NCJ, 2013, NCJ, 2013b)

Wiegendood
Inbakeren wordt in verband gebracht met een risico op wiegendood. De kans op wiegendood neemt toe wanneer een kindje ingebakerd is en op zijn buik gelegd wordt of zelf op zijn buik draait. (NCJ, 2013, Healthy Children, 2017) Daarom is het zeer belangrijk om een ingebakerd kindje altijd op de rug te leggen en het inbakeren af te bouwen voordat het kindje zichzelf gaat omrollen. Mogelijk kan inbakeren wel beschermend werken voor wiegendood wanneer het kindje ingebakerd om de rug ligt en zichzelf nog niet kan omdraaien, echter hier is nog extra onderzoek voor nodig. (NCJ, 2013)

Indicaties
Een indicatie voor het gebruik van inbakeren zou dus kunnen zijn wanneer een kindje extreem overprikkeld en onrustig is en/of overmatig huilt en een aanwijsbare medische oorzaak is uitgesloten. (MC Zuiderzee, s.a.)

Risico’s
Aan inbakeren kleven risico’s.

Warmtestuwing
Een kind dat ingebakerd ligt kan zijn warmte minder goed kwijt. Het is dus niet verstandig om inbakeren toe te passen bij een kind met koorts of in een situatie waar overmatige warmte te verwachten is (tropische temperaturen of na een vaccinatie).
Tevens kan een kindje dat ingebakerd is de deken niet wegduwen, aangezien de armen en benen ingepakt zijn, dus een deken gebruiken is zeer onverstandig. (NCJ, 2013)

Heupontwikkeling
Voor de heupontwikkeling is het belangrijk dat de benen van het kindje voldoende ruimte hebben om te bewegen en te spreiden. En te strak aangebrachte inbakerde kan er voor zorgen dat de heupen niet meer vrij kunnen bewegen en hierdoor kan er een heupafwijking gevormd worden of verergeren. (NCJ, 2013; Healthy Children, 2017)

Wiegendood
Ook is er dus een kans op wiegendood wanneer je een kindje ingebakerd op de buik legt of wanneer het kindje dat wordt ingebakerd al in staat is zichzelf om te draaien. (NCJ, 2013; Healthy Children, 2017)

Contra-indicaties (NCJ, 2013)
– Koorts
– De eerste uren na een vaccinatie (24 uur)
– Mogelijke heupdysplasie of al aangetoonde heupdysplasie
– Ernstige luchtweginfecties
– Blijvende zuigelingenscoliose. Dit wil zeggen dat de scoliose aanwezig blijft, ook wanneer de wervelkolom zich passief beweegt.

Preventie
Om de risico’s te verkleinen is het belangrijk dat je je kindje enkel inbakert wanneer dit de enige overgebleven optie is en wanneer een medische oorzaak voor excessief huilen of onrustigheid is uitgesloten. In de meeste gevallen kun je een kindje dat veel huilt of erg onrustig is ook op andere manieren rustig krijgen, bijvoorbeeld door veel nabijheid, het dragen van je kindje en de vermindering van prikkels. Rust en regelmaat en dus de reductie van prikkels is al bewezen nuttig. Het dragen van een kindjes die excessief huilen is nog niet goed wetenschappelijk onderzocht om te kunnen vast stellen of ook dit er werkelijk voor zorgt dat er minder kindjes excessief huilen, echter is het heel natuurlijk om een kindje dat huilt op te pakken, dus kunnen we hier wel enigszins vanuit gaan. (NCJ, 2013b)
Pas wanneer er echt geen oplossing is, zou ik inbakeren overwegen. Daarbij is het wel belangrijk om inbakeren te zien als een tijdelijk hulpmiddel en niet als een permanente oplossing.

Wanneer je er dan voor kiest om je kindje in te bakeren is het belangrijk om dit goed te doen. Hierbij kun je je het beste laten adviseren door een arts of een verpleegkundige van het consultatiebureau, die geschoold zijn in het assisteren bij inbakeren. Het is ook belangrijk om je kindje vooraf na te laten kijken door een arts om contra-indicaties, bijvoorbeeld afwijkende heupontwikkeling uit te sluiten. (NCJ, 2013)

Belangrijk is om inbakeren op tijd af te bouwen, aangezien het dus mogelijk een verhoogd risico op wiegendood met zich meebrengt wanneer het kindje kan omrollen. Vanaf 6 maanden is inbakeren niet meer geschikt. (NCJ, 2013)

Conclusie
Inbakeren is iets wat je bij een gezonde zuigeling, wanneer het niet nodig is, beter kunt vervangen door een andere methode om wille van de risico’s. Echter kan het wel een hulpmiddel zijn bij kinderen die excessief huilen, waarbij een andere medische oorzaak is uitgesloten. Hierbij is het belangrijk om inbakeren te zien als laatste, tijdelijk, hulpmiddel en niet als een oplossing. Belangrijk is om rekening te houden met de risico’s die vastkleven aan inbakeren en je altijd goed te laten informeren voordat je hier aan begint.

Inbakeren
Bron: Shegingerly @Flickr

Bronnen

Healthy Children (2017)
Gevonden op het internet op 29 juni 2017 via https://www.healthychildren.org/English/ages-stages/baby/diapers-clothing/Pages/Swaddling-Is-it-Safe.aspx

Inbakeren (s.a.)
Gevonden op het internet op 29 juni 2017 via http://www.inbakeren.nl/inbakeren/wat-is-inbakeren/

Jansen, M., & Maaskant, J. (2009) Inbakeren van huilbaby’s: helpt dat? Nursing. Gevonden op het internet op 29 juni 2017 via https://www.nursing.nl/verpleegkundigen/achtergrond/2009/12/inbakeren-van-huilbabyas-helpt-dat-nurs005513w/

MC Zuiderzee (s.a.)
Gevonden op het internet op 29 juni 2017 via https://www.mczuiderzee.com/kinderen/ouders-algemeen/aandoeningen/huilbaby/inbakeren

NCJ (2013)
Gevonden op het internet op 29 juni 2017 via https://www.ncj.nl/richtlijnen/alle-richtlijnen/richtlijn/?richtlijn=21&rlpag=815

NCJ (2013b)
Gevonden op het internet op 29 juni 2017 https://www.ncj.nl/richtlijnen/alle-richtlijnen/richtlijn/?richtlijn=21&rlpag=813

Veiligheid (s.a.)
Gevonden op het internet op 29 juni 2017 via https://www.veiligheid.nl/kinderveiligheid/slapen/beddengoed-voor-kinderen/inbakeren

Vitamine A

Vitamine A is belangrijk voor je huid, je ogen, de groei en je weerstand. Maar wat zijn nu eigenlijk de feiten en de fabels?

Wat is vitamine A? (Voedingscentrum, s.a.)
Vitamine A is een van onze benodigde vitamines. Vitamine A bevindt zich vooral in dierlijke producten, zoals vlees, zuivel, vis en eieren. Ook wordt het toegevoegd aan margarine en bakproducten. Een vitamine A rijke bron is lever (runderlever, leverworst, paté). Wanneer je meer vitamine A binnen krijgt dan je nodig hebt, wordt vitamine A opgeslagen in vet.

Vitamine A kun je dus binnen krijgen via inname van dierlijke producten, maar het lichaam maakt ook zelf vitamine A aan. Deze vitamine A wordt aangemaakt vanuit plantaardige producten. In die plantaardige producten zit een stofje, bètacaroteen dat omgezet kan worden in vitamine A. Deze bètacaroteen bevindt zich voornamelijk in groentes, zoals wortels, spitskool en bloemkool. Ook bevindt het zich in sommige soorten fruit, zoals bananen en sinaasappels. Uit deze plantaardige producten wordt minder vitamine A gehaald dan uit de dierlijke producten.

Wanneer je goed gevarieerd eet krijg je in principe voldoende vitamine A binnen. (Voedingscentrum, s.a.b.)

Nut van vitamine A (Voedingscentrum, s.a.)
Vitamine A wordt in je lichaam voor verschillende doeleinden gebruikt. Zo is het belangrijk voor de aanmaak van cellen voor de huid, maar ook voor cellen in de luchtpijp, het haar, het longweefsel en het tandvlees. Vitamine A zorgt ook voor een betere weerstand en bij kinderen is het belangrijk voor de groei. Wanneer je te weinig vitamine A binnenkrijgt kan dit zorgen voor huidproblemen en dof haar. Tevens kan het zorgen voor oogproblemen, zoals nachtblindheid of zelfs in extreme gevallen voor complete blindheid.

Aanbevolen dagelijkse hoeveelheid                        Microgram
Kinderen 6 maanden – 2 jaar                                     300
Kinderen 2-5 jaar                                                           350
Kinderen 6-9 jaar                                                           400

Volwassen vrouwen 19-70 jaar                                  700
Zwangere vrouwen                                                         800
Borstvoedende vrouwen                                               1100

Te veel aan vitamine A en zwangerschap
Vitamine A is goed voor allerlei processen in je lichaam, maar een te veel aan vitamine A is daarentegen niet prettig. Structureel te veel vitamine A ( > 3000 microgram) kan voor verschillende symptomen zorgen, zoals hoofdpijn, duizeligheid en vermoeidheid, maar ook voor afwijkingen aan de huid, het skelet of de ogen. Het gaat hierbij om de vitamine A uit de dierlijke producten. Daarbij moet ik zeggen dat het vrij lastig is om te veel vitamine A binnen te krijgen, tenzij je veel lever producten eet.
– Runderlever is een grote bron van vitamine A. Een stukje van 100 gram bevat al snel meer dan 27.000 microgram aan vitamine A.
– Een boterham met paté of leverworst komt neer op 1000 tot 1200 microgram vitamine A. (Voedingscentrum, s.a.)

Tijdens je zwangerschap wordt er geadviseerd voorzichtig te zijn met de inname van vitamine A. De grens die ze hierbij adviseren ligt op maximaal 3.000 microgram vitamine A per dag. Meer dan 3.000 microgram vitamine A per dag zou ervoor kunnen zorgen dat je kindje een aangeboren afwijking krijgt. (Voedingscentrum, s.a.)

Maar, eigenlijk zijn hier maar weinig onderzoeken naar gedaan. Er is slechts 1 onderzoek, uit 1995, die uit zou wijzen dat inname van meer dan 3000 microgram vitamine A per dag zou kunnen resulteren in aangeboren afwijkingen. Dit onderzoek is veelvuldig bekritiseerd, voornamelijk omdat de afwijkingen mogelijk verkeerd zouden worden geclassificeerd. (Azaïs-Braesco & Pascal, 2000)
In dit onderzoek van Ringer et al. (1995), wordt er gekeken naar de inname van vitamine A, maar niet naar de bloedwaarde aan vitamine A bij deze vrouwen. De inname van vitamine A kwam voornamelijk uit supplementen of ontbijtgranen, minder uit de grootste bron: dierlijke producten, terwijl de vitamine A uit natuurlijke producten veel minder in het bloed worden opgenomen dan dierlijke producten. In deze groep, waar meer dan 3000 microgram per dag wordt ingenomen aan vitamine A, kreeg 3% een kindje met een aangeboren afwijking. In de totale onderzochte groep van 20.000 vrouwen werden er 1-2% kindjes geboren met een aangeboren afwijking. Laten we daarbij in acht nemen dat in een normale populatie vrouwen er gemiddeld 3-4% van de kinderen geboren wordt met een aangeboren afwijking. In de totale onderzochte groep lag dit gemiddelde dus lager, dus lijken de aangeboren afwijkingen verhoogd in de groep waar vrouwen meer vitamine A binnen krijgen, maar over het algemeen gezien is de hoeveelheid aangeboren afwijkingen niet verhoogd! Het kan dus ook een toevalsbevinding zijn en hoeft niet per se gelinkt te zijn aan de vitamine A. Hier is echt extra onderzoek voor nodig.
Dit onderzoek is dus niet volkomen betrouwbaar en om hier meer duidelijkheid over te krijgen zal er meer gedegen onderzoek verricht moeten worden. Andere (kleine & oude) onderzoeken die er gedaan zijn beweren het tegendeel. Vitamine A zou niet zorgen voor aangeboren afwijkingen. (Groene vrouw, 2015) Wel zou er uit dierproeven naar voren komen dat vitamine A voor aangeboren afwijkingen kan zorgen, maar hier worden hogere doseringen vitamine A gebruikt, namelijk 10.500 microgram. (Knijn et al, 1992)

Conclusie
Vitamine A is hartstikke belangrijk voor allerlei processen in je lichaam, uiteraard ook voor het ongeboren kindje. Op dit moment wordt overal geadviseerd om vitamine A onder de grens van 3000 microgram per dag te houden. Hoewel het niet verkeerd om zicht te houden op je inname van vitamine A is er tot op heden nog niet voldoende wetenschappelijk bewijs dat je kindje aan een teveel aan vitamine A werkelijk iets aan kan overhouden.

pregnant-woman-1130611_960_720
Bron: Pixabay

Bronnen
Azaïs-Braesco, V., & Pascal, G. (2000) Vitamine A in pregnancy: requierements and safety limits. American Society for Clinical Nutrition, 71(5), 1325-1333. http://ajcn.nutrition.org/content/71/5/1325s.full

Groene vrouw (2015)
Gevonden op het internet op 10 januari 2016 via http://groenevrouw.nl/vitamine-a-zwangerschap/

Knijn, G.J.M., Cornel, M.C., de Jong-van den Berg, L.T.W., & de Smet, P.A.G.M. (1992) Teratogene risico’s van hoge doseringen. NTVG.

Rothman, K.J. Moore, L.L., Ringer, M.R., Nguyen, U.D.T., Mannino, S., Milunsky, A. (1995) Teratogenicity of high vitamin A intake. The New England Journal of Medicine, 333, 1369-1373.

Voedingscentrum (s.a.)
Gevonden op het internet op 10 januari 2016 via http://www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/vitamine-a.aspx

Voedingscentrum (s.a.b.)
Gevonden op het internet op 10 januari 2016 via http://www.voedingscentrum.nl/nl/nieuws/vitamine-a-advies-tijdens-de-zwangerschap2.aspx