Postpartum depressie

Zo’n 50 tot 70% van alle kraamvrouwen krijgt rond dag 3-5 last van onverwachte stemmingswisselingen en huilbuien. Dit noemen we de kraamtranen of de baby blues. Dit fenomeen ontstaat door een plotselinge daling van je hormoonspiegel na je bevalling. Helemaal niet gek en na enkele dagen gaat het vanzelf weer over. (Wij, s.a.; Fonds Psychische Gezondheid, 2013)

Maar bij niet alle vrouwen gaan deze symptomen over of ontstaan ze tijdens de kraamweek. Sommige vrouwen hebben maandenlang last van sombere gevoelens, prikkelbaarheid, rusteloosheid en angst. Dit hoort er niet bij. Dit noemen we een postpartum depressie. (LKPZ, s.a.; Fonds Psychische Gezondheid, 2013)

Wat is een postpartum depressie?
Een postpartum depressie is een depressie die ontstaat na de bevalling van je kindje. Dit hoeft niet direct na de bevalling te zijn, sterker nog, meestal ontstaat het juist pas later. Een postpartum depressie ontstaat ook regelmatig op het moment dat de bevallen vrouw stopt met het geven van borstvoeding of wanneer ze weer gaat werken. Meestal ontstaat een postpartum depressie in de eerste 4 maanden na de bevalling.  (Licht op depressie, s.a.)

Je kunt ook een postpartum depressie krijgen na een miskraam of een abortus. (LKPZ, s.a.)

Een postpartum depressie komt heel regelmatig voor, namelijk bij zo’n 10-15 % van alle bevallen moeders. Toch is het fenomeen niet heel bekend. (Korrelatie, s.a.)

Hoe ontstaat een postpartum depressie?
Het ontstaan van een postpartum depressie kent geen duidelijke oorzaak. Meestal is het een samenloop van verschillende factoren, zowel lichamelijke en psychische als sociale factoren. (LKPZ, s.a.)

Mogelijke lichamelijke factoren (Korrelatie, s.a.; LKPZ, s.a.):
Lichamelijke factoren die er voor zorgen dat er mogelijk een postpartum depressie ontstaat, ontstaan voornamelijk door een verandering in de hormoonspiegel na de bevalling.
– Een pittige bevalling
– Een ontregeling van de bloedsuikerspiegel
– Verstoring in de schildklierfuncties
– Te kort aan bepaalde vitamines of mineralen (Kalk en vitamine B6)
– Complicaties tijdens de zwangerschap/bevalling

Mogelijke psychische/sociale factoren (Korrelatie, s.a.; LKPZ, s.a.):
– Relatieproblemen
– Ongewenste zwangerschap
– Zorgen over de opvoeding
– De lat te hoog leggen voor jezelf of door de omgeving
– Een stressvolle gebeurtenis (overlijden, echtscheiding)
– Gebrek aan steun
– Laag sociaaleconomische status
– Immigratie
– Het niet kunnen geven van borstvoeding
– Tienerzwangerschap

Een andere factor die een rol speelt is de erfelijke factor (Korrelatie, s.a.; LKPZ, s.a.):
– Vrouwen die al eerder te maken hebben gehad met een depressie, bijvoorbeeld tijdens de zwangerschap, hebben meer kans op een postpartumdepressie.
– Vrouwen die al eerder last hebben gehad van angstklachten.
– Wanneer je voor de zwangerschap al last had van premenstruele stemmingswisselingen ben je ook vatbaarder voor een postpartumdepressie.
– Wanneer er depressies in de familie voorkomen, maak je ook meer kans op een postpartumdepressie.

Symptomen (LPKZ, s.a.; Fonds Psyche en Gezondheid, 2013)
Veel symptomen heeft elke pas bevallen moeder wel eens. Het verschil tussen gezonde symptomen en een postpartum depressie is dat een vrouw met een postpartum depressie niet meer volkomen normaal kan functioneren.

De meest voorkomende klachten bij een postpartum depressie:
– Somberheid
– Nergens meer zin in hebben
– Extreem moe zijn
– Lusteloos voelen
– Geen blije gevoelens hebben naar je baby of zelfs heftige gevoelens van afkeer of haat
– Geen moedergevoel hebben of juist overbezorgd zijn
– Huilbuien
– Prikkelbaarheid en agressiviteit
– Gebrek aan zelfvertrouwen, het gevoel hebben dat je geen goede moeder bent, terwijl anderen zeggen van wel
– Buitensporige schuldgevoelens
– Moeite met concentreren en in de war zijn, vergeetachtigheid
– Weinig en slecht slapen of juist extreem veel slapen
– Geen eetlust hebben of juist heel veel eten
– Een dood of leeg gevoel van binnen hebben
– Gevoelens van machteloosheid, angst en wanhoop
– Piekeren en malen
– Lichamelijke klachten: hoofdpijn, duizeligheid, misselijkheid.
– Terugkerende gedachten aan de dood of aan zelfmoord. Het gevoel hebben dat je je kindje iets aan wil doen.

Wanneer een vrouw ook last heeft van waanbeelden en de link met de werkelijkheid mist, spreken we niet van een postpartum depressie, maar van een postpartum psychose. Heel belangrijk om hierbij gelijk hulp in te schakelen!

Klachten en nu? (LPKZ, s.a.; Fonds Psyche en Gezondheid 2013)
Herken je jezelf in deze klachten? Weet dat deze gevoelens bij de depressie horen. Je hoeft je hier niet schuldig over te voelen! Belangrijk is om deze gevoelens aan te pakken, want ze gaan niet vanzelf verdwijnen en worden op den duur alleen maar erger. Vraag hulp bij je huisarts of verloskundige. Samen met hun kun je kijken naar een passende behandeling. Je staat er niet alleen voor!

Een mogelijke behandeling is bijvoorbeeld psychotherapie of gedragstherapie. Bij gedragstherapie leer je hoe je je negatieve gedachten om kunt buigen naar positieve gedachtes. Er wordt altijd geprobeerd om je te behandelen zonder medicijnen.

Herken je iemand anders in deze klachten? Praat erover en schakel eventueel hulp in. Deze signalen worden vaak niet herkend, omdat mensen denken dat het erbij hoort, maar dat is niet het geval.

Pexels.jpg
Bron: Pexels

Bronnen

Fonds Psychiche Gezondheid (2013)
Gevonden op het internet op 18 december 2016 via http://www.psychischegezondheid.nl/action/azitem/28/postpartum_depressie.html?tab=1

Korrelatie (s.a.)
Gevonden op het internet op 18 december 2016 via http://www.korrelatie.nl/onderwerpen/depressie/postnatale-depressie/

Licht op depressie (s.a.)
Gevonden op het internet op 18 december 2016 via http://www.lichtopdepressie.nl/stemmingsstoornissen/postnatale-depressie/

LKPZ (s.a.)
Gevonden op het internet op 18 december 2016 via http://www.lkpz.nl/patienten-depressie.php

Wij (s.a.)
Gevonden op het internet op 18 december 2016 via http://wij.nl/geboorte-info-kraamtijd/artikel/kraamtranen-en-babyblues

Cafeïne

Cafeïne, we kennen het allemaal eigenlijk wel, maar wat is het eigenlijk? Wat voor werking heeft het? En nog belangrijker: wat is de invloed op je ongeboren kindje?

Wat is cafeïne?
Cafeïne is een stofje dat vooral voorkomt in koffie, maar ook in andere producten, zoals energiedrankjes, chocolade, cola en ook in thee. Cafeïne is een stofje met een stimulerende werking. Een normale hoeveelheid cafeïne zorgt ervoor dat je je fitter voelt en je je beter kan concentreren. Als je te veel cafeïne inneemt op een dag, verschijnen de negatieve bijeffecten: hoofdpijn, rusteloosheid, moeite met slapen, beven, duizeligheid, prikkelbaarheid, hartkloppingen en mogelijk ook angstige gevoelens. Gemiddeld krijgt een niet zwangere vrouw zo’n 500 milligram cafeïne per dag binnen. Gezonde vrouwen krijgen hier meestal nog geen last van. (Voedingscentrum, s.a.)

Hoeveel cafeïne zit er in producten?
In verschillende producten zitten verschillende hoeveelheden cafeïne. Hieronder vind je een overzichtje. (Voedingscentrum, s.a.)

Koffie                   Portiegrootte                                                                   Milligram cafeïne per portie
Filter                     125 ml                                                                                 85
Instant                 125 ml                                                                                 60
Espresso             50 ml                                                                                   65
Decafé                 125 ml                                                                                 3

Thee
Zwart en groen 125 ml                                                                                 30

Frisdrank
Cola                       180 ml                                                                                 18
IJsthee                 180 ml                                                                                 16

Energydrank
Energydrank      250 ml                                                                                 80
Energieshot       60 ml                                                                                   80

Chocolade
Chocomel           180 ml                                                                                 4
Pure chocola     30 gram                                                                              14
Melk chocola     30 gram                                                                              6

Cafeïne tijdens je zwangerschap
Deze cafeïne is mogelijk schadelijk voor je ongeboren kindje. Daarom wordt er sterk geadviseerd om geen cafeïne te gebruiken of in ieder geval het gebruik te verminderen tot maximaal 200 milligram cafeïne op een dag. (Voedingscentrum, s.a.)

Cafeïne tijdens het geven van borstvoeding
Wanneer je borstvoeding geeft, komt cafeïne ook terecht in de moedermelk. Ook wanneer je borstvoeding geeft, wordt er dus geadviseerd om zo min mogelijk cafeïne binnen te krijgen of het liefst zelfs helemaal niks. Cafeïne kan er voor zorgen dat je kindje onrustig wordt. (Voedingscentrum, s.a.)

Effecten op het ongeboren kindje
Uit onderzoek blijkt dat het gebruik van cafeïne er voor kan zorgen dat je kindje achterblijft in groei, waardoor het geboren wordt met een lager geboortegewicht dan bedoeld is voor het kindje. Dit risico ontstaat al wanneer je meer dan 100 mg cafeïne per dag binnen krijgt. (Konje & Cade, 2008)
Voor elke 100 mg aan cafeïne zou het geboortegewicht 21 tot 28 gram omlaag gaan, volgens Zweedse onderzoekers. (Sengpiel et al, 2013)

Cafeïne komt via de placenta bij het kindje terecht. Wat het daar precies voor effect heeft is nog niet helemaal duidelijk. Er wordt gedacht dat cafeïne er voor zou zorgen dat de bloedvaten tussen de baarmoeder en de placenta meer samentrekken, waardoor er minder bloed bij het kindje kan komen. Een andere redenatie is dat cafeïne er voor zou zorgen dat een stofje dat de groei van het kindje stimuleert, geremd wordt. (De kennis van nu, 2013; Sengpiel et al, 2013)

Vroeger werd er ook gedacht dat cafeïne het risico op een miskraam of vroeggeboorte vergrootte. Uit onderzoek is hier geen link uit naar voren gekomen. (Webmd, 2012)

Conclusie
Dat cafeïne invloed heeft op jezelf wisten we eigenlijk allemaal wel, maar dat cafeïne ook invloed heeft op je ongeboren kindje is niet voor iedereen bekend. Cafeïne kan er voor zorgen dat je kindje met een laag geboortegewicht geboren wordt en alle gevolgen daarvan moet ervaren. Het is dus sterk aan te raden om te letten op je cafeïne inname per dag en deze tot het minimum te beperken.

Love_heart_decorated_cappuccino_(milk_coffe_cocoa_decoration).jpg
Bron: Wikimedia commons

Bronnen
Konje, J.C., & Cade, J.E. (2008) Maternal caffeine intake during pregnancy and risk of fetal growth restriction: a large prospective observational study. Britisch Medical Journal, 337(7682), 1334-1338.

Sengpiel, V., Elind, E., Bacelis, J., Nilsson, S., Grove, J., Myhre, R., Haugen, M., Meltzer, H.M., Alexandra, J., Jacobsson, B., & Brantsaeter, A. (2013) Maternal caffeine intake during pregnancy is associated with birth weight but not with gestational length: results from a large prospective observational cohort study. Biomed Central Medicine. Gevonden op het internet op 8 december 2016 via http://bmcmedicine.biomedcentral.com/articles/10.1186/1741-7015-11-42

Voedingscentrum (s.a.)
Gevonden op het internet op 8 december 2016 via http://www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/cafeine.aspx

Webmd (2012)
Gevonden op het internet op 8 december 2016 via http://www.webmd.com/baby/features/does-caffeine-raise-risk-of-miscarriage

Vruchtwaterpunctie

Vanaf april 2017 gaat de NIPT beschikbaar gesteld worden voor alle zwangeren. Tot op heden is deze enkel beschikbaar als je een verhoogde kans krijgt uit de combinatietest. Wanneer er uit de NIPT een slechte uitslag komt, wat inhoud dat je kindje mogelijk een trisomie 21, 18 of 13 heeft, wordt er sterk aangeraden om een vruchtwaterpunctie te laten verrichten. Maar wat is een vruchtwaterpunctie? En zitten er bijvoorbeeld risico’s aan?

Wat is een vruchtwaterpunctie?
Een vruchtwaterpunctie kan plaats vinden rond de 16e zwangerschapsweek. Bij een vruchtwaterpunctie wordt er met een naald vruchtwater afgenomen uit je baarmoeder. Met een echo wordt er gekeken hoe het kindje ligt, waarna de naald doorheen je buikwand in je baarmoeder wordt ingebracht. Er wordt 15-20 ml vruchtwater afgenomen, dit is iets minder dan 10% van het vruchtwater op dat moment. Vruchtwater wordt continue terug aangemaakt, dus het afgenomen vruchtwater wordt snel terug aangevuld. In het vruchtwater zitten cellen van het kindje. Deze cellen worden onderzocht op eventuele chromosoomafwijkingen. (NPDN, 2010; De verloskundige, s.a.)

Na de punctie
De punctie duurt ongeveer 10 minuten. Daarna mag je gewoon weer naar huis. Het is belangrijk om de rest van de dag rustig aan te doen, het liefst lekker languit op de bank. Gedurende 1-2 dagen kun je last hebben van wat menstruatieachtige krampen in je onderbuik, dit is normaal. Wanneer je bloedverlies, vochtverlies, koorts of hevige buikpijn krijgt is het belangrijk om het ziekenhuis te bellen. (NPDN, 2010; De verloskundige, s.a.)

Indicaties voor een vruchtwaterpunctie (Erasmuc MC, s.a. ; Radboud UMC, 2012)
Je kunt niet zomaar kiezen voor een vruchtwaterpunctie. Hiervoor heb je een indicatie nodig. Dit zijn de meest voorkomende indicaties:
– Wanneer je eerder zwanger bent geweest van een kindje met een chromosoomafwijking
– Wanneer je zelf drager bent of je partner drager is van een ongewoon chromosomenpatroon
– Wanneer je een verhoogde kans hebt uit de combinatietest
– Wanneer je een slechte uitslag krijgt uit de NIPT
– Wanneer er tijdens een echo foetale afwijkingen zijn gevonden die kunnen wijzen op een chromosoomafwijking
– Een zwangerschap die tot stand is gekomen na ICSI

De uitslag
De uitslag kan 3 dagen tot 3 weken op zich laten wachten. Dit is afhankelijk van de manier waarop de cellen gekweekt worden.

QF-PCR test
In de meeste gevallen wordt er tegenwoordig gekozen voor een QF-PCR test. Bijvoorbeeld bij een verhoogde kans uit een combinatietest, een afwijkingen NIPT, een eerder kindje met trisomie 21, 18 of 13 of een ICSI zwangerschap. Bij een QF-PCR test ontvang je de uitslag meestal binnen 3 werkdagen. Dit noemen we de sneltest. Hierbij worden het aantal chromosomen en de geslachtschromosomen geteld. De QF-PCR test is een betrouwbare test. (NPDN, 2010; De verloskundige, s.a.; VUMC, s.a.)

Arrayonderzoek

Wanneer er bij een echo echoscopische afwijkingen zijn gezien, wordt er niet gekozen voor een QF-PCR test. Dan wordt er uitgebreider onderzoek gedaan doormiddel van arrayonderzoek, ofwel gedetailleerd chromosomenonderzoek. Hierbij worden niet enkel de chromosomen geteld, maar wordt er ook gekeken naar eventuele kleinere afwijkingen in het DNA. Deze uitslag laat ongeveer 3 weken op zich wachten. (Erasmuc MC, s.a.)

Betrouwbaarheid
De betrouwbaarheid van een vruchtwaterpunctie is heel hoog. Soms, in 1 % van de gevallen, is er geen of een onduidelijke uitslag, bijvoorbeeld omdat er bloed van de moeder gemengd is met het vruchtwater. Dan is het nodig om arrayonderzoek te laten doen en duurt de uitslag dus langer. (NPDN, 2010)

Risico
Een vruchtwaterpunctie geeft een risico op een miskraam van 1 op 300. (De verloskundige, s.a.)

Nadelen (De verloskundige, s.a.)
Buiten het risico op een miskraam zitten er nog andere nadelen aan een vruchtwaterpunctie.
– De test kan pas plaats vinden rond 15-16 weken. Wanneer je de uitslag ontvangt, kun je je kindje al hebben voelen bewegen wat de afweging nog moeilijker maakt.
– Veel mensen weten op de termijn van 15-16 weken al dat je zwanger bent.
– Wanneer je besluit om het kindje niet te houden na een slechte uitslag, kun je het kindje niet meer weg laten halen met bijvoorbeeld een curettage. Om de zwangerschap af te breken wordt je bevalling opgewekt.

Kosten
De vruchtwaterpunctie wordt vergoed vanuit het basispakket. Soms gaat dit wel af van je eigen risico. Het is verstandig om je hiervoor te wenden tot je zorgverzekeraar. (RIVM, s.a.)

Conclusie
Na een slechte uitslag van een NIPT of een verhoogde kans van een combinatietest, ben je niet verplicht om vervolgonderzoek te laten doen. Wel weet je pas na een vruchtwaterpunctie of je kindje werkelijk een afwijking heeft of niet. Een lastige overweging, waarbij je verloskundige of gynaecoloog je eventueel kan helpen.

Amniocentesis.png
Bron: @wikimedia commons

Bronnen
De verloskundige (s.a.)
Gevonden op het internet op 28 november 2016 via http://deverloskundige.nl/zwangerschap/subtekstpagina/41/vruchtwaterpunctie/

Erasmus MC (s.a.)
Gevonden op het internet op 28 november 2016 via https://www.google.nl/url?sa=t&rct=j&q=&esrc=s&source=web&cd=3&cad=rja&uact=8&ved=0ahUKEwixwYOiucvQAhVC1RoKHR4WCAYQFggmMAI&url=http%3A%2F%2Fwww.erasmusmc.nl%2Fcs-patientenzorg%2F2419534%2F2419537%2F214086%2F214165122%2F6025261-04_07aiPrenataalond1.pdf&usg=AFQjCNHYqMx1bXEuxyzaE-JnFHDMK-1HEw&sig2=bENir5j_v17H0DoP0brthQ&bvm=bv.139782543,d.d2s

NPDN (2010)
Gevonden op het internet op 28 november 2016 via http://www.npdn.nl/vervolgonderzoekVruchtwaterpunctie.php

Radboud UMC (2012)
Gevonden op het internet op 28 november 2016 via https://www.radboudumc.nl/Informatievoorverwijzers/Genoomdiagnostiek/nl/Pages/Prenataal.aspx

RIVM (s.a.)
Gevonden op het internet op 28 november 2011 via http://www.rivm.nl/Onderwerpen/D/Downscreening/Hoe_verloopt_de_screening/De_kosten

VUMC (s.a.)
Gevonden op het internet op 28 november 2016 via https://www.vumc.nl/afdelingen-themas/2320711/2800848/Invasievediagnostiek.doc